2707
Kippenvelmoment: Sedat en Kyra komen over de grens
De geluiden van de stad sijpelen geleidelijk door het raam als ik in Edirne wakker word na een enerverende nacht in het vliegtuig en in de bus.
In Istanbul op het vliegveld staat een man met een papier, waarop onze 3 namen staan en een vierde naam. Waar is nummer 4 ? We bellen Sedat uit bed en alles komt in orde.
We ontmoeten de “meisjes”; Het ontbijt, dat bestaat uit tomaat, kaas, komkommer, olijven en cai is typisch en zal ons de hele tocht begeleiden.
We bezoeken een moskee, drinken een “Türk kahve” om erin te komen, stappen met enkele journalisten in een busje stappen en rijden naar de grens.
Daar komen ze, Sedat en Kyra. Annemieke vindt dit haar mooiste moment. De persconferentie verloopt goed. De “apkus” smaken lekker en de tocht op Turkse bodem begint begeleid door de ” jandarma”. We krijgen nu ook ons “Suleymantrail-paspoort” dat ons op onze wandeling begeleidt.
2907
Na het ontbijt koopt Sedat nog gauw enkele kranten, waar we in staan te pronken en we lopen de stad uit. Maar wat gebeurt er…?
Sedat wordt herkend, vanwege de foto in de krant; mensen willen met hem praten; Sedat praat graag met de mensen; dit is allemaal heel speciaal en de vertraging, ja die hoort erbij.
Al gauw maken we kennis met Sedats regelknobbel: Waar is hij nu weer? Opeens staat er een enorme zak druiven voor ons die hij “kijk daar, bij die boer”gekocht heeft; …even later zwaait hij naar ons van achter op een brommer. “Ja ik moest even de weg verkennen”… in het volgende dorp laat hij zich door de burgemeester naar de winkel rijden om onze lunch in te kopen. De trend is gezet op deze eerste dag.
We horen de voorbidder vanaf de minaret, omdat het na twaalven is, we voelen de verkoelende wind , omdat we niet ver van de zee af zitten en boven ons schieten de zwaluwen door de strakblauwe hemel.
In een lang lint lopen we naar het volgende dorp, waar de mirabelles goudgeel van de takken in het oog springen. Go, wat lekker. In het volgende dorp tijdens het drinken van onze cai maakt Sedat alvast een praatje met de burgemeester. “Kunnen we hier ergens slapen?”. Ja hoor; op de wei bij de school en een kraan is iets verderop. Maar …wat gebeurt er nu. Ongeveer 10 vrouwen komen aanlopen en bieden ons brood en fruit aan. We zijn er gewoon stil van, van zo’n gastvrijheid en dit zal een van onze mooiste herinneringen blijven, vooral ook omdat het allemaal zo vanzelfsprekend is. Die nacht wordt “opgevrolijkt” door het geblaf van honden; ze houden menigeen van ons uit de slaap. Dan om 05.00 u. de sprekende minaret; ook daar moeten we nog aan wennen. In het café worden oude kranten uitgespreid als ze ons met ons ontbijt aan zien komen. We eten er goed van en hebben veel plezier. Dan moeten we, helaas nu al, afscheid van Kyra nemen. Haar werk roept.
Wat gebeurt er als we Yvonne niet meer zien?
De burgemeester neemt ons mee naar een aquaduct, dat vroeger Edirne van water voorzag Vandaar klimmen we, lopen door het veld en slaan we rechtsaf naar een dorp; hier is een café zonder cafébaas, die direkt opgetrommeld wordt als we zitten en na enige aarzeling cai voor ons maakt. Yvonne loopt vooraan en als ze verdwenen is weten we al van verre: ze heeft een theehuis gevonden. Plotseling duikt de jandarma op en begeleidt ons naar het dorp. Daar zit dus Yvonne al; dan komt er een man aan met een grote schaal honing. Wat smaakt dat lekker. Na het dorp slaan we linksaf en lopen langs een meertje. In het volgende dorp wachten we en dan blijkt dat de anderen lekker gezwommen hebben. Dus als de lijnen te lang worden ga je het een en ander missen. We halen boodschappen bij DIA. Thuis is Dia mijn vrouw, in Portugal heet ze “bom dia” en hier is DIA een supermarkt. Je komt ze ook overal tegen. In de kazerne worden we ook gastvrij onthaald, maar voor we aankomen rent een man achter ons aan komt met een zak vol pruimen. We lunchen en vertrekken zonder Madelon. Ze komt later weer bij ons in een café, waar enkele Turken uit Mannheim ons een rondje geven..Naar het volgende dorp wordt het lint weer heel lang “waar blijven ze toch?”
Yvonne voor ons is verdwenen; ze heeft dus een theehuis gevonden. Tine is heel blij dat ze er eindelijk is. Een cai en nog een cai en nog een cai. De burgemeester geeft ons onderdak en ik praat via een leraar Engels als tolk met hem. Frans
speelt “dede”(=opa) en wordt omzwermd door kinderen.
Bu gün bayram olacak –en de dag zal een feest zijn
300709
Deze dag zijn Dia en ik 40 jaar getrouwd. Ik bel Dia, die in Tirol aan het fietsen is en we zingen met z’n allen “Lang zullen ze leven…” Dat is een heel mooi moment
’s morgens bij het ontbijt begeleid door blaffende honden en begroet door een milde ochtendzon. De wandeling is navenant en weer op de weg staan, alsof het afgesproken is, een trekker en 2 Vespa’s klaar om een gratis ritje aan te bieden. In het café trakteer ik want “deze dag zal een feest zijn” dan lopen we zigzaggend door de velden tot in het theehuis bij de stad, waar journalisten ons opwachten om Sedat te interviewen en foto’s te maken en waar ik mijn tent droog.
Hamam - Badhuis
Sedat heeft iemand gevonden die ons naar het badhuis brengt. Hup erin; na een 20 minuten worden we stevig geschrobd en na een half uurtje voelen we ons “als herboren uit zonnegloren en een zucht van de ziedende zee”. Dat is weer eens heel wat anders. We eten “köfte”en verlaten de stad en zeggen tegen iedereen die het horen wil “merhaba, merhaba, merhaba” af en toe afgewisseld met “gün aydin” of “hos bulduk”. Als we een man tegenkomen die ons aanspreekt roept Frans “Olanda, Olanda”. Eeven later zegt Sedat dan dat de man ons vroeg of we het niet warm hadden. We lopen langs kazernes, terwijl passerende Turken ons toezwaaien en vooral de dames onder ons op het oog hebben. We slapen met vele muggen bij een vervallen huis.
310709 Cai Cai Cai
’s morgens zo gauw mogelijk op zoek naar een ontbijt; een gedroogde vijg is ook niet alles denkt Madelon. Na een uur kunnen we ontbijten: karpuz, cai, domates, salatalik en nog een cai en nog een cai.of kaveh. Iemand maakt een broodje kaas voor onderweg een ander likt zijn blaren of schrijft in zijn dagboek, tot we opstappen, binnendoor tussen de zonnenbloemen richting watertoren die maar niet dichterbij wil komen. Het is goed dat er stoppelvelden zijn want dat loopt beter dan door het graan en wat drinken we in het volgende café ja hoor cai, cai, cai. In de moskee doen Frans en ik doen er een tukkie. Sedat organiseert een maaltijd en begeleiding naar het volgende dorp. We maken een schitterende wandeling door de heuvels en in de verte zien we de bui hangen maar zelf blijven we droog (zou Süleyman ons beschermen?) Aan de oever van de rivier zijn hier na WO I veel mensen vermoord omdat toen Grieken uit Turkije en Turken uit Griekenland en Bulgarije verdreven werden. Afschuwelijke gedachte !
De zwager van onze man in Edirne ontvangt ons leidt ons langs de bron met heerlijk water en langs Romeinse uitgravingen. Edirne heette Hadrianapolis ofwel de stad van Hadrianus. Weer zeer gastvrij onthaald op karpuz, domates, salatalik + cai, cai, cai en lekkere deegwaren. Hij laat ons zijn huis zien, een zeer oude woning en vroeger het huis van een grieks-orthodox priester.
We komen in de stad aan en slapen in een hotel.
010809 Bülent Türker-VIP-
’s morgens is de bakker is al open en de politie meldt zich ook. We zwerven door de velden, zien een man zien aankomen die denkt dat we illegalen zijn en ons de weg wijst; dan zoeken we de macadamweg weer op maar die route wordt versperd. Sedat zet zijn ulrtasoon apparaatje aan en bij een hond helpt het niet; die moet stokdoof zijn. Nog 1 kilometertje zegt Sedat. Maar mijn vermoeden klopt: het zijn er nog 6. We komen in Vizé en worden opgewacht door Bülent Türker. Eerst persconferentie met frisdrank en koekjes; dan eten en naar het huis van Bülent, waar we mogen overnachten. Dat vinden we allemaal wel heel erg sympathiek. ’s Avonds naar het concert in VIPzetels luisteren en kijken naar drie groepen waaronder een folkgroep met een geweldige lepelslaander. We zitten tussendoor te barsten van de slaap.
020809 het lichaam – je ziet er mee af
Ontbijt in de stad. De eigenaar biedt het ons aan en uit dankbaarheid zingen we het prachtige lied van “Vader Jakob…Na de stadsbezichtiging zien we de vlakte, waar
Alexander zijn kamp opgeslagen heeft, Vizé = toestemming( om te overnachten) We bezoeken de toren, een romeinse arena en Frans en ik drinken koffie in een café waarvan de eigenaar heel enthousiast is en op de foto gaat met…de Turkse vlag om zich heen gedrapeerd. We hebben veel plezier en vinden zowaar ook nog een stift(=keçeli kalem) Na de middag lopen we parallel aan de macadamweg en zien na een veel herhaald “merhaba” de stad Saray. En wat gebeurt daar? De volgende morgen melden zich 5 mensen ziek, vier girls en sunny boy. Frans, Sedat en Yvonne gaan de weg alvast verkennen.
030809
Ik word verwend met cola, koekjes en bouillon. Dus de volgende mnorgen weer topfit. Tini en ik laten ons afzetten bij de drie verkenners. We gaan van de weg af komen op een geitenpad uit, kruisen een beekje, lopen zonder pad op kompas en af en toe de huid schrammend door het bos, volgen een overwoekerd karrenspoor, dan weer een geitenpad over de heide, en komen op de weg uit. Weer op de weg
eten we hele lekkere buffelyoghurt. We steken over, komen na wat omzwervingen (hebben we niet veel meer gelopen dan 330 km????) weer op de weg en komen in het dorp waar de drie girls al alles geregeld hebben. Overnachting in een leegstaand huis waar de loodgieter nog snel even de douche met twee uitgangen gemonteerd heeft “s Avonds lekker eten op het plein naast een wijd en zijn bekende bron.
Wereldoorlog I en interne crisis
040809
Sedat, onze patroonheilige zorgt ervoor dat alles loopt als een trein. Twee mannen laten ons een tunnel uit WO I zien. Verbazingwekkend goed geconserveerd. We lopen zo’n 50 meter de gang in die smal en heel hoog is.
Uitleg bij een monument ter nagedachtenis aan Turkse soldaten die daar in 1912 vermoord zijn
“we gaan niet verder meer…”. Ik loop door op zoek naar een oplossing. De vriend van Madelon belt, ziet op Google de GPS van Sedat oplichten en zegt: “over 2 km. Kom je bij een weg”. Dezelfde weg die ik gevonden had.
Gastvrijheid bij Marianne
Het leed is geleden. Bij Marianne en haar man worden we uitzonderlijk gastvrij onthaald. Een lekkere douche, zwemmen, witte wijn een koningsmaal en een discussie op volle toeren, terwijl we heel kort het gehuil van de jakhalzen horen.
050809
’s Morgens nog eens een koninklijk ontbijt en het werk van Marianne gezien. Voor haar werk, o.a. wandkleden, terracotta, laat ze zich vooral door de natuur inspireren.
Gezinshereniging
Wie staat daar midden op de weg op ons nee niet op ons op haar Sedat te wachten? Sedat zijn vrouw en Soraya hun dochter. Dit wordt voor haar het mooiste moment zei ze later Na een extra lange pauze nodigt Frans ons zwierig uit hem te volgen. We zien voor het eerst de contouren van Istanbul in de verte.
De jandarma roept een “time out “uit en we krijgen van het dorp achter ons frisdrank en stepels in ons paspoort. Dit oponthoud heeft voor Frans nog een staartje maar “de soep wordt minder heet…”.
Dan in het politiebusje eerst eten zei duimelot, dan een rondleiding met cai een een eendenkuiken op tafel en uiteindelijk op zoek naar een hotel. Sedat belt Turvan en ja hoor ze hebben plaats.
070809 Topkapi
Richting Topkapi, waar we om 16.00 u. officiëel ontvangen zullen worden. Op het plein ervoor komt Slavka ons tegemoet “Ik dacht het al, dat jullie de wandelaars waren, omdat zij, en ze wijst op Annemieke, een oranje broek draagt. Bas is er ook.
In de tuin het het paleis worden we begroet door de Turkse pers en een vertegenwoordigster van het ministerie van cultuur. De sessie neemt wat tijd in beslag en enkele toeristen, als ze horen wat we gedaan hebben applaudisseren.
Daarna drinken we wat en Frans houdt een mooie toespraak; hij eindigt met een stukje toiletpapier dat de naam “scheetje”, die hij aan sedat geeft moet symboliseren.
080809 De Nederlandse consul
Als ultieme afsluiting staat er nog een receptie op het Nederlandse consulaat op het programma. We worden heel vriendelijk ontvangen. Heel ongedwongen. Consul Onno zet officiële stempels in ons paspoort. Marc interviewt ons en na een laatste foto op het bordes verlaten we het consulaat.
Vanaf nu kan ieder weer z’n eigen gang gaan.
Zo komt een eind aan een wandeling, die begon in Zandvoort en zo wordt een begin gemaakt met het ontwikkelen van een wandelroute van Wenen naar Istanbul.
Zo is een begin gemaakt met het projekt “Atay”. In Het consulaat hebben Frans en ik er al met een zelfgemaakte cheque op gewezen dat we ongeveer € 3.500.= bijeengebracht hebben voor dit projekt. En dit is, hopen we, nog maar het begin.
We trekken de heuvels in en lopen zigzaggend door de velden tot we de stad zien die we na enige omzwervingen bereiken en waar journalisten ons opwachten om het verhaal van Sedat op te schrijven en enkele foto’s te maken en ik mijn tent droog
2707
De geluiden van de stad sijpelen geleidelijk door het raam als ik in Edirne wakker word na een enerverende nacht.
De vorige dag begon de reis eigenlijk in Dordrecht. Daar loopt een man door het gangpad die mijn schoenen herkent, ook al heeft hij ze nog nooit gezien. “Ben jij Wim”? “Ja, ik ben Wim, en dan moet jij Frans zijn”. Op Schiphol heb ik voor we in het vliegtuig stappen nog een bijzondere ontmoeting. Een vrouw loopt me voorbij, kijkt om, komt terug en vraagt of ik mijnheer Tomassen ben, Ja, zeg ik ik ben Wim Tomassen. “Dan heb ik 43 jaar geleden bij u in de klas gezeten”. Ik zeg dat ik complimenten graag hoor, want nadat 43 jaar leven over mijn gezicht heen zijn gegaan herkent ze me nog. Toen ze later zei dat ze destijds verliefd op me was geweest begreep ik dat er ook andere factoren in het spel waren en dat dempte mijn “geluk”.
We ontmoeten Yvonne en gaan aan boord. Het vliegtuig zit aardig vol; we stijgen op en vliegen met een omweg naar Istanbul waar we eerst een gezondheidsformulier moeten invullen. Daar staat een man met een stuk papier met 4 namen. Waar is de vierde man? We bellen Sedat uit bed en die zegt dat de man zich teruggetrokken heeft. We bussen naar Edirne. Al snel slaap ik en word wakker in Edirne, waar ik op mijn kamer doorslaap.
2807
De volgende morgen maak ik kennis met de “girls”; we krijgen een goed ontbijt met tomaat, kaas, komkommer, olijven en cai, ingrediënten, die onze hele tocht zullen kruiden.
Na een wandeling in Edirne met een bezoek aan de moskee, mijn eerste kennismaking met de wereld van de islam en na een Türk kahvese, die uitstekend smaakt gaan we naar het verkeersbureau, waar we met enkele journalisten in een busje stappen en naar de grens rijden.
Daar komen Sedat en Kyra aanlopen. Hup naar de VIP room en na enkele toespraken van de autoriteiten, Sedat en Kyra en na de lekkere “apkus” lopen we terug naar Edirne. In Edirne krijgen we ons “sultantrailpaspoort” dat ons op onze wandeling zal begeleiden en helpen.
2907
Na een stevig ontbijt en na een bezoek aan de begraafplaats achter de moskee vertrekken we. Sedat koopt nog gauw enkele kranten, waar we in staan te pronken.
Als we de stad uitlopen wordt sedat steeds aangehouden omdat mensen hem herkennen van de foto in de kranten. Een heel speciaal gevoel moet dat geven.
Dan zijn we op het platteland en maken we kennis met de organisatiedriften van Sedat: Opeens komt hij aanzetten met een grote zak druiven…even later rijdt hij ons achterop een brommer voorbij om de weg te verkennen. In het volgende dorp rijdt de burgemeester hem naar een winkel om onze lunch in te kopen. De minaret spreekt als de zon over haar hoogtepunt heen is, de wind verkoelt onder een strakblauwe hemel en de mussen geven me een weemoedige herinnering aan vroeger.
We lopen in een lang lint naar het volgende dorp en zien de mirabelees goudgeel aan de bomen hangen. Go, wat waren die lekker. We lopen door drinken in het volgende dorp ja, wat anders dan cai en Sedat maakt weer een praatje met de burgemeester. Deze geeft ons een terrein bij de school; we hebben ook een kraanne wat gebeurt er als we eenmaal staan: 5, 6 vrouwen komen aanlopen en bieden ons uit gastvrijheid brood en fruit aan. Dat is een moment dat we niet gauw zullen vergeten; we zijn allemaal een beetje stil en een beetje ontroerd door dit gebaar dat met een vanzelfsprekendheid plaatsvindt alsof je dat overal zou gebeuren. De nacht wordt “opgevrolijkt” door blaffende honden die menige wandelaar uit zijn slaap houden. Om 5.00 wordt de koran gereciteerd en om 7.00 u gaan we naar het café met ons ontbijt. De place mats van oude kranten worden uitgespreid en daarna ontbijt met veel vocht en plezier; we nemen afscheid van Kyra. Helaas, haar werk roept. We bezoeken samen met de burgemeester een aquaduct, dat vroeger Edirne van water voorzag omdat het water hier zo goed is . We klimmen, lopen door het veld en als we rechts af slaan roept een man die zijn koeien hoedt ons toe dat hij blij is ons te zien. In het dorp is een café maar geen cafébaas. Die wordt opgetrommeld en die maakt na enigeaarzeling cai voor ons. Yvonne is onze sterre van het land en wijst ons de weg. Plotseling duikt de jandarma op en begeleidt ons naar het dorp. Hier zitten we net of Yvonne duikt in een theebad en de overbuurman komt met een grote schaal verse honing aanzetten. Wat smaakte dat lekker. De jandarma draagt ons over en we lopen het dorp weer uit. We slaan linksaf en komen bij een meertje. Als we in het volgende dorp op de rest wachten blijkt iedereen gezwommen te hebben. Zo mis je nogal wat als de lijnen te lang worden. In het theehuis wordt gekaart, gerookt en cai gedronken. Wij doen alleen het laatste. We halen boodschappen bij DIA. Thuis is Dia mijn vrouw, in Portugal heet ze “bom dia” en hier is DIA een supermarkt. Je komt ze ook overal tegen. We lopen naar de kazerne en zijn er bijna als een man achter ons aangeredn komt met een zak vol lekkere pruimen die we ook nog kunnen wassen. Wat een service! In de kazeren is het onthaal weer heel gastvrij met cai. We eten flink en nadat Madelon aanvankelijk zou blijven, wordt ze later toch nog naar ons gebracht in een café, waar enekel Turken uit Mannheim ons een rondje geven..Naar het volgende dorp wordt het lint weer heel lang “waar blijven ze toch?”
Als Yvonne voor ons verdwenen is betekent dat dat ze een cafégevonden heeft. Tine is daar heel blij om want ze heeft het gehad. ’N Cai en nog een en nog een en nog een. De burgemeester komt met een leraar Engels als tolk met ons praten en Frans
Speelt edde en wordt omzwermd door een aantal kinderen en een meisje dat al heel goed Engels spreekt. Ik praat met de burgemmeester met name over de E.U en de eventuele teotrreding van Turkije over kosten van levensonderhoud. Via hem hoor ik natuurlijk wat de Turkse media daarover schrijven en dat klopt niet altijd denk ik.
300709
’s Morgens als we bij het café zitten te ontbijten volgt een ontroerend moment voor mij. Dia en ik zijn dan 40 jaar getrouwd. Ik bel Dia op die in Tirol aan het fietsen is en we zingen met z’n allen “Lang zullen ze leven…”
Dat is een heel mooi moment zo ’s morgens vroeg bij het ontbijt met om ons heen enkele blaffende honden die ons begeleiden en een ochtendzon die ons gezang begroet met haar reeds warme stralen en een zuchtje wind. We lopen het dorp uit door de velden. Een mooie wandeling en aan de andere kant komen we op de weg uit, waar alsof het afgesproken is een trekker en 2 Vespa’s klaar staan om enkelen van ons een gratis ritje naar het dorp aan te bieden. De rest wordt begeleid door enkele nieuwsgierig bl;affende honden. In het café trakteer ik want “deze dag zal een feest zijn” We trekken de heuvels in en lopen zigzaggend door de velden tot we de stad zien die we na enige omzwervingen bereiken en waar journalisten ons opwachten om het verhaal van Sedat op te schrijven en enkele foto’s te maken en ik mijn tent droog
We lopen de stad in en wat biedt zich aan: EEN BADHUIS. Hup erin zeggen Frans en ik tegen elkaar. We liggen goed te zweten en worden stevig geschrobd en na een half uurtje rust voelen we ons “als herboren uit zonnegloren en een zucht van de ziedende zee”. Dat was een heel lekker intermezzo. We eten een ijsje en na een stevige maaltijd van köfti yoghurt ajuin tomaat en lopen we de stad weer uit tegen iedereen die we tegen komen zeggen we merhaba, merhaba, merhaba af en toe afwisselend met gun aydin of iyi aksamlar en hos bulduk en Allah rahatlik versin als we naar bed gaan. Soms komen we iemand tegen die wat zegt en dan roept Frans “Olanda, Olanda”. Sedat zegt dan even later dat de man ons vroeg of we het niet warm hadden. We lopen enekel uren langs kazernes over een weg in aanleg terwijl passerende Turken ons toezwaaien en vooral de dames onder ons op het oog hebben. We slapen ondanks de muggen bij een vervallen huis langs de weg. Frans zoekt wapening tegen de kou en
310709
’s morgens zijn we gauw weg want iedereen heeft honger en een gedroogde vijg is ook niet alles denkt Madelon. Iedereen wil in het volgende dorp dorp ontbijten
We lopen het dorp in naar de minaret waar we dus ontbijten: karpuz, cai, domates, salatalik en nog een cai en nog een cai.of kaveh. Iemand maakt een broodje kaas voor onderweg en hoort “dat is typisch Nederlands!” Iedereen likt zijn blaren en andere wonden en daar gaan we binnendoor tussen de zonnenbloemen richting watertoren die maar niet dichterbij wil komen. We lopen door “karpuz”velden maar niemand wil even proeven. Het is goed dat er stoppelvelden zijn want dat loopt beter dan door het graan en wat drinken we in het volgende café ja hoor cai, cai, cai. We bezoeken de moskee en Frans en ik doen er een tukkie. Na het eten (georganiseerd door Sedat) worden we begeleid door twee jongens naar het volgende dorp. Een schitterende wandeling door de heuvels en langs een kamp van Roma die van wat afval een stevig onderkomen kunnen bouwen. We zien overal de bui hangen maar zelf blijven we droog (zou Süleyman ons beschermen?)Even blijven we stilstaan bij de wilde taferelen die zich aan de oever van de rivier afgespeeld hebben in de tijd na wereldoorlog I, toen Grieken uit Turkije en Turken uit Griekenland en Bulgarije verdreven werden. Een situatie die miljoenen doden egkost heeft. Afschuwelijk!
In het dorp wacht de zwager van onze man in Edirne. Hij laat ons een bron zien met heerlijk water en langs Romeinse uitgravingen. Edirne heet ook wel Hadrianapolis ofwel de stad van Hadrianus een romeinse keizer. We worden zeer zeer gastvrij onthaald op ja wat is er lekkerder dan veel vocht na een dagtocht en dat vocht zit in karpu, domates, en salatalik + cai, cai, cai en lekkere deegwaren. Dan laat hij ons zijn huis zien. Het was het huis van een grieks-orthodox priester, waar ook bijeenkomsten gehouden werden en zelfs nog de vorm van de oven te zien is waarin het brood gebakken werd.
We lopen door een smalle straat en worden begroet alsof we de vierdaagse van Edirne aan het lopen zijn. Een beetje Nijmegen..
We komen in de stad aan en slapen in een hotel.
010809
Na een goede nachtrust zijn we ’s morgens weer vroeg op pad. De bakker is al open en de café’s hebben ook al bezoekers. De politie meldt zich ook weer. Dan van de weg af door de velden; we zwerven wat tot we een man zien aankomen die denkt dat we illegalen zijn en ons eten en drinken aanbiedt. Hij wijst ons de weg tot we democratisch besluiten de macadamweg weer op te zoeken. Die route wordt versperd maar Sedat zet zijn ulrtasoon apparaatje even aan en met de staart tussen de benen verdwijnen de honde op een na die heel erg doof moet zijn. En wat zien we op de weg: de politie die precies op dat punt op ons staat te wachten. Nog 1 kilometertje zegt Sedat. Maar ik weet wel beter en mijn vermoeden klopt. Het zijn er nog 5 of 6. Moe zitten we in de tuin en drinken cai. Dan komen we in Vizé aan en worden opgewacht door Bülent Türker die ons bedeleidt naar het cultuurcentrum, waar de tafels klaar staan met koekjes en drankjes en waar Sedat met de burgemeester praat en een persconferentie houdt. Bülent nodigt ons uit bij hem thuis te overnachten Op weg naar zijn huis krijgen we ook nog een maaltijd aangeboden Dat vinden we allemaal wel heel erg sympathiek. Als ieder zijn stek gevonden heeft gaan we naar het concert.We zitten in VIPzetels naar drie groepen te kijken en te luisteren waaronder een zangeres met benen die meer indruk maken dan haar stem en een folkgroep die heel goed is, vooral de lepelslaander in de groep, en de mensen laat bewegen en dansen. We maken wat foto’s, dansen op de muziek en zitten tussendoor te barsten van de slaap. Om 12.00 gaan we naar bed.
020809
De volgende morgen krijgen we een ontbijt in de stad. De eigenaar biedt ons het eten en drinken aan uit gastvrijheoid en wij zingen als dank het prachtige lied van “Vader Jakob…” en daarna stadsbezichtiging in een busje. Hier heeft dus Alexander met zijn leger zijn kamp opgeslagen, Vizé = toestemming( om te overnachten) We bezoeken de toren op het hoogste punt, een romeinse arena waar ik een lied zing. Dan gaan Frans en ik de stad in en komen in een café waarvan de eigenaar thee en koffie aanbiedt en op de foto gaat met…de Turkse vlag om zich heen gedrapeerd. We hebben veel plezier en vinden zowaar ook nog een stift(=keçeli kalem) om de steen, opgedragen aan 40 jaar huwelijk te beschrijven. Na de middag lopen we weer verder. We lopen parallel aan de macadamweg en komen onder regelmatig “merhaba” in het volgende dorp met café en cai of limonata aan, die we hier ook weer aangeboden krijgen. In de verte zien we de stad liggen en om 20.00 vallen we de stad binnen, gaan naar het hotel in Saray en wat gebeurt er…de volgende morgen melden zich 5 mensen ziek, vier girls en sunny boy. Frans, Sedat en Yvonne gaan door om de weg alvast te verkennen.
030809
Ik word verwend met cola, koekjes en bouillon. Dus het ligt voor de hand dat ik de volgende mnorgen weer topfit ben en een busje van het hotel ons bij de groep afzet. Annemiek, Madelon en Marjan zijn er wat slechter aan toe. Die worden naar Anamandira of Ankala gebracht. We gaan van de weg af komen op een geitenpad uit, kruisen een beekje, lopen zonder pad op kompas en af en toe de huid openhalend door het bos, volgen een overwoekerd karrenspoor, dan weer een geitenpad over de heide, en komen op de weg uit. Daar staat een uitspanninkje waar we uitrusten en buffelyoghurt eten. Ik heb zelden zo’n lekkere yoghurt gegeten. Dan nog een karpuz en een foto van een jong katje dat zich wentelt in de zon. We steken over en proberen daar onze weg te vinden, komen bij een afgraving en na wat omzwervingen (hebben we niet veel meer gelopen dan 330 km????) komen we weer op de weg uit, zien rechts een “pik nik” en komen in het dorp waar de drie girls al alles geregeld hebben. We overnachten in een leegstaand huis waar de loodgieter nog snel even de douche met twee uitgangen gemonteerd heeft (weet je nog Frans…?) “s Avonds eten in het eethuis met de studente Engels als tolk en op het plein een wijd en zijn bekende bron waar we de volgende morgen ons water kunnen meenemen.
040809
Ik slaap goed en na een lekker ontbijt van brood, kaas, tomaat en cai ( weer op voorspraak van Sedat, onze patroonheilige die zorgt dat alles loopt als een trein) gaan we op stap met twee jongens die ons een tunnel uit WO I laten zien. Verbazingwekkend goed geconserveerd. We lopen zo’n 50 meter de gang in die smal en heel hoog is. Hij lijkt wel gebouwd voor de eeuwigheid.
Dan krijgen we uitleg bij een monument ter nagedachtenis aan Turkse soldaten die daar door Bulgaarse en Russische troepen in 1912 vermoord zijn
We lopen teveel te struinen en dat leidt tot een crisis en een zitactie “we gaan niet verder meer…”. Ik loop door om een oplossing te vinden en dan biedt zich ergens anders ook een oplossing aan. De vriend van Madelon belt, ziet op Google de GPS van Sedat oplichten en zegt: “over 2 km. Kom je bij een weg”. Dezelfde weg dus die ik gevonden had. We hebben over militair terrein gelopen en dat verklaart het gebrek aan wegen. Maar nu is het leed geleden. We worden opgehaald enkomen aan bij het huis van Marianne en haar man. Daar worden we uitzonderlijk gastvrij onthaald. Ik begin met een lekkere douche, drink veel water, ga zwemmen, drink witte wijn en de gezamenlijke maaltijd van rijst, vlees, salade, yoghurt, olijven, komkommer en wijn is een koningsmaal. Ondertussen loopt de discussie op volle toeren over politiek, het land en het werk en luisteren we naar het gehuil van de jakhalzen.
050809
’s Morgens begeleidt Marianne ons na een koninklijk ontbijt met honing uit eigen korf, want Marianne is ook imker naast haar creatieve bezigheden. Voor haar werk, o.a. wandkleden, terracotta, laat ze zich vooral door de natuur inspireren, met name door dat, wat ze in de natuur vindt, zoals takken, zaden, bladeren. We lopen naar het volgende dorp. Tini filmt vandaag en probeert enkele laagvliegende zwaluwen vast te leggen, maar dat valt niet mee.
En wie staat daar midden op de weg op ons nee niet op ons op haar Sedat te wachten? Sedat zijn vrouw en Soraya hun dochter. Dit wordt een heel warm moment, voor haar het mooiste moment, zoals ze later zei. We nemen een extra lange pauze en als ze “Himmelhochjauchzend” weer aan elkaars aanwezigheid gewend zijn nodigt Frans iedereen heel zwierig uit hem te volgen, nemen we afscheid van Marianne en haar man en lopen we langs het meer richting Istanbul. Een heel mooie wandeling tussen boomaanplant en water in. Madelon en Soraya nemen nog even een duik. We zien voor het eerst de contouren van Istanbul in de verte.
De jandarma begeleidt ons zo goed dat ze een “time out “uitroept om ons te laten genieten van koele frisdranken, gesponsord door het dorp dat we net achter ons hebben gelaten. Tevens worde de paspoorten bestempeld, Dit oponthoud heeft voor Frans nog een staartje maar “de soep wordt minder heet…”.
Vlak voor Istanbul gaan we in een politiebusje naar een restaurant, eten goed, krijgen een rondleiding en cai bij het waterleidingbedrijf, waar een jong eendje en Soraya het goed kunnen vinden met elkaar. Dan rijden we op zoek naar een hotel naar Istanbul. Sedat belt Turvan en ja hoor ze hebben plaats. De politie begeleidt ons tot de grens van haar territorium en we nemen twee taxi’s naar Turvan.
070809
We douchen, ontbijten en bezoeken Istanbul. In de loop van de middag lopen we richting Topkapi, waar we om 16.00 u. officiëel ontvangen zullen worden. Op het plein ervoor komt een vrouw op ons af en vraagt of we de groep wandelaars uit Nederland zijn. Ja hoor. Ik dacht het al omdat zij, en ze wijst op Annemieke, een oranje broek draagt. Bas is er ook; hij is verantwoordelijk voor de communicatie binnen de Turks-Nederlandse vereniging.
Slavka, zo heet ze, maakt foto’s van ons en vooral van Sedat, zijn vrouw en Soraya.
In de tuin het het paleis worden we begroet door de Turkse pers en een vertegenwoordigster van het ministerie van cultuur. De sessie neemt wat tijd in beslag en enkele toeristen willen weten wat er aan de hand is. Als ze horen dat we wandelend Istanbul bereikt hebben beginnen enkelen spontaan te applaudisseren.
Na het officiële gedeelte drinken we wat en Frans houdt een mooie toespraak en eindigt met een stukje toiletpapier dat zijn benaming “scheetje”voor Sedat symboliseert. Dan gaan we naar ons hotel moe maar voldaan, zoals dat heet.
080809
Als ultieme afsluiting staat er nog een receptie op het Nederlandse consulaat op het programma. We lopen er naar toe en worden heel vriendelijk ontvangen. We drinken een kop koffie en krijgen een klein gebakje aangeboden. Allemaal heel plezierig en ongedwongen. Consul Onno zet officiële stempels in ons paspoort. Marc interviewt ons en na een laatste foto op het bordes verlaten we het consulaat.
Vanaf nu kan ieder weer z’n gang gaan. Enkelen zullen met de bus naar een badplaats gaan. Sedat en zijn fezin hebben hun eigen agenda. Madelon wil graag naar huis en Frans ook. Yvonne en ik zullen pas 13 augustus naar huis vliegen. We kunnen dus Istanbul uitvoerig bekijken en dat doen we ook ieder op zijn eigen manier.
Zo komt een eind aan een wandeling, die begon in Zandvoort en wordt een begin gemaakt met het ontwikkelen van een wandelroute van Wenen naar Istanbul.
Deze wandelroute zou op den duur helemaal bewegwijzerd moeten worden, waarbij een beroep gedaan zal worden op plaatselijke medewerking van belangstellenden. Sedat heeft daar in zijn gesprekken met burgemeesters en belangstellenden al op aangestuurd.
En daarnaast is er natuurlijk het projekt “Atay”. Een projekt dat meer inhoud zal krijgen naamate er meer sponsorgeld beschikbaar komt. In Het consulaat hebben Frans en ik er al met een zelfgemaakte cheque op gewezen dat we ongeveer € 3.500.= bijeengebracht hebben voor dit projekt. En dit is dus nog maar het begin van hopelijk nog meer substantiële bijdragen aan het ziekenhuis, waar kinderen met leukemie behandeld worden.
We trekken de heuvels in en lopen zigzaggend door de velden tot we de stad zien die we na enige omzwervingen bereiken en waar journalisten ons opwachten om het verhaal van Sedat op te schrijven en enkele foto’s te maken en ik mijn tent droog
admin Uncategorized